Stug spelend PDI pakt drie punten van Mitsubishi Polderman (1-2)

 

Waar niemand van PDI nog rekening had gehouden met drie punten gebeurde dit vlak voor tijd toch. Een schitterend afstandsschot van Jan Willem Salman zorgde er voor dat PDI de volle buit pakte. Daar zag het gedurende de wedstrijd niet echt naar uit. PDI, die zonder wissels aantraden begon sterk. In de 3e minuut zorgde een goede combinatie ervoor dat Wouter van Dijk in een kansrijke schietpositie kwam. Wouter twijfelde niet en schoot de bal hoog in de touwen. Deze voorsprong zorgde ervoor dat PDI zijn favoriete spel kon spelen. Er werd zeer compact verdedigd en met uitvallen probeerde PDI tot gevaar te komen. Polderman was het grootste gedeelte van de eerste helft in balbezit maar speelde in een te laag tempo om het PDI lastig te maken. Daarnaast ontbrak het wat aan creativiteit om door de stugge verdediging heen te komen. De keren dat dit wel lukte bleek het vizier niet helemaal op scherp te staan.

De tweede helft gaf een iets ander beeld. Vooral in de beginfase begon Polderman in een hoger tempo te spelen waarbij ook de keeper als extra aanspeelpunt mee begon te spelen. Dit leidde na 1 minuut al tot de gelijkmaker. Een schot van Richard Cornelisse werd door Menno de Klerk tot doelpunt gepromoveerd. Waar een ieder dacht dat dit de ban zou breken gebeurde dat niet, PDI bleef, ondanks dat ze geen wissels hadden, toch redelijk makkelijk overeind, met Ruud Slootbeek als voornaamste sta in de weg. Hoewel Polderman het wel volop probeerde en van goede wil was lukte het maar sporadisch om tot goede kansen te komen. Mark van Marrewijk was nog het dichtstbij maar zijn mooie actie kon hij niet met een doelpunt belonen. Ook zag hij zijn schot net naast de verkeerde kant van de paal eindigen. PDI zette daar met zeer gevaarlijke tegenstoten twee grote kansen tegenover, die ook beiden onbenut bleven. Aangezien PDI niet meer kon en bij Polderman het fortuin en scherpte ontbraken zag het er een minuut voor tijd naar uit dat de 1-1 op het bord zou blijven staan. Daar dacht Jan Willem echter anders over.

Verslag JAX